Eén condensstreep maakt nog geen zomervakantie. Er zijn mensen die dagelijks naar de lucht staren. In de hoop dat het weer een beetje op gang komt. Zoals afgelopen maandag. Toen de stieren en koeien weer uit de stal de horecaweide in mochten. Daar aangekomen moesten ze toch weer tussen dranghekken plaatsnemen. De stal was gewoon naar buiten verplaatst. Maar het kon de pret niet drukken. En door!

Dat moet toch ook lukken in het buitenland? Want ja, voor de zomervakantie geldt voor de meeste Nederlanders nog steeds: ‘lekker weg uit eigen land’. En dat wordt niet gemakkelijk als de MP gaat roepen dat je naast die anderhalve meter en het handen wassen ook nog zoveel mogelijk binnenlands moet blijven. Dat kunnen heel veel Nederlanders helemaal niet. Die hadden hun all inclusive aan de Turkse Rivièra voor een habbekrats kort na Kerstmis al geboekt. Die kijken gewoon weer uit naar al die eindeloze buffetten. Willen weer zaniken tegen Russische toeristen met hun grote opschepmentaliteit. En dan ook nog de helft laten staan. Dat werk, heerlijk. Deze zomer zal alles anders zijn. De eerste vouchers zijn al aan het verkleuren achter de koelkastmagneet. Binnenlandse zomervakantiecoaches bieden zich al aan. Klein probleem: die vijf miljoen die normaal de grens overgaan, kunnen we natuurlijk niet overal kwijt.

En als je Ibiza gewend bent, is vogelen op Terschelling toch wel even iets anders. Bovendien zijn de meeste bovenwindse Waddeneilanden tot nu toe gevrijwaard van het virus, die hebben daarom op de kade van het vasteland al een triage ingericht. Als daar dus Ibiza-gasten proberen een veerboot naar de overkant te scoren, vallen ze bij de eerste contactvragen al door de mand. De vraag, naar welk eiland steekt u over, redden ze soms nog wel. Maar bij vraag twee gaat het geheid mis. Die luidt: welke vogel komt op Terschelling niet voor, de grutto of de flamingo?