Op het Stadhuis in Deventer hebben ze rustiger periodes gekend. De afgelopen weken was het er echter bal. Het was natuurlijk Covid wat de klok sloeg, maar tussendoor werden, heel slim, nog een paar andere zaken afgehandeld. ‘Never waste a good crisis’, zei Winston Churchill al. Dus terwijl in Bathmen de ‘deure dichte’ ging, verloste het stadsbestuur zichzelf van de Deventer zwarte Piet. Die kon niet eeuwig doorgeschoven blijven. Er werd gekozen voor het roetveegvirus waar Nederland al langer mee besmet is. Geen probleem.

Want ze weten al lang dat de enige echte Intocht die dit jaar wel door mag gaan die van de Stint is. Op het goede moment toeslaan, heet dat. Zo zijn we ook aan de 100 kilometer op de snelwegen gekomen. Maar zoals dat vaker gaat met regenten, zeker in Deventer, slaan ze dan weer door. Dus toen Bathmen even wereldberoemd werd in heel Nederland pakte de König van Deventer zijn kans. En hoewel hij officieel onder Mark de Derde valt, is er door het wankele Haagse beleid voldoende ruimte om lokaal iets anders te doen. Burgermeester in oorlogstijd heet dat. Vanaf vanavond 18.00 uur gelden binnen de gemeentegrenzen de volgende noodverordeningen. De koopzondagen in Frieswijk en Okkenbroek zijn tot het eind van dit jaar verboden.

De ononderbroken strepen in alle winkelstraten van de gemeente mogen niet meer overschreden worden. Voortaan moet doorgelopen worden tot de eerstvolgende voetgangersrotonde om daar te keren om zo de gewenste winkel te bereiken. Bij alle ingangspoorten van de stad wordt gecontroleerd of er ‘het is een vreemdeling zeker’ probeert de stad in te komen. In geval van twijfel mag de dienstdoende BOA de virusvluchteling onderwerpen aan een drietal vragen zoals door het Stadhuis verstrekt. Wanneer vond de laatste Bathmense Kermis plaats? Kun je degraderen uit de Keuken Kampioen Divisie? En natuurlijk: hoe heet de geweldige burgermeester van Demtâh?