Column Marcel Schoemaker: Witte kerst
Terwijl de IJssel nog verdacht laag staat, begint ook de menselijke klimaatverwarring ernstige vormen aan te nemen. De afgelopen seizoenen hebben daar een aardige bijdrage aan geleverd. Het uitzonderlijk warme voorjaar en de hete, droge zomer met allerlei codes zorgden voor de juiste ingrediënten. Buurman liep deze week licht verdwaasd rond zijn huis. Zijn eigen seizoensklok gaf aan dat de astronomische herfst al een week oud was. Dus zag je hem al druk in de weer in zijn materiaalhok met de bladblazer. Even nalopen voor het grote werk kon beginnen. Hij was meestal een van de eersten in het blaasorkest van de straat. En hoewel door de droogte er zelfs al voor aanvang van de meteorologische herfst bladeren vielen en menig eikeltje zijn kop had getroffen, bleef de verwarring. Nog nooit had hij zich met factor 50 moeten insmeren in de herfst. Hij zat duidelijk tegen een opname aan. Maar seizoensabsentie wordt natuurlijk niet gedekt door de zorgverzekeraar.
Bovendien lijdt heel Nederland er onder. Het klopt allemaal niet meer. En om daar nou de overheid de schuld van te geven, gaat zelfs de meest geharde complotdenker te ver. En dan moet El Niño, het kerstkindje, dit jaar nog langskomen. Een verschijnsel dat al in de zeventiende eeuw benoemd werd door vissers in Peru. Wanneer aan het eind van het jaar het water van de Stille Oceaan opwarmde en dat het einde van het visseizoen aankondigde. Daar raakte niemand van in de war. Maar buurman wel, want die hoort nu allemaal wetenschappers waarschuwen voor een super-El Niño met een recordsterke piek in de komende winter. Die voelt natuurlijk nattigheid. Voor Europa zal dat qua effect wel ongeveer gaan kloppen. Voor het seizoensgenezingsproces van buurman is het toch maar het beste wanneer hij binnenkort kan uitrukken met zijn bladblazer. En hij mag uitkijken naar een witte kerst.
