DEVENTER – Er ging in 2017 en 2018 meer geld naar kinderen die opgroeien in armoede dan in de jaren ervoor. Deventer bereikt een groot deel van deze kinderen, namelijk 70 procent. De gemeente blijft zich inspannen om meer kinderen te bereiken en armoede verder terug te dringen.

Het minimabeleid in Deventer richt zich op het beperken van financiële zorgen en een effectieve aanpak van financiële problemen. Daarbij zijn een integrale aanpak en maatwerk bij minimabeleid en schuldhulpverlening belangrijk. Deventer wil daarbij innoveren en ervaringsdeskundigen inzetten bij beleid en de uitvoering. Het college biedt de evaluatie van het minimabeleid over 2017 en 2018 aan de gemeenteraad.

Wethouder Jan Jaap Kolkman: “We investeren flink in het voorkomen van armoede door mensen zo snel mogelijk aan het werk te helpen. En gelukkig met resultaat. Maar het is helaas een illusie dat we elk kind uit de armoede weten te krijgen. En die kinderen verdienen onze volle aandacht.”

Aanpak kinderarmoede

Landelijke onderzoeken laten zien dat 1 op de 9 kinderen opgroeit in armoede. Dat is slecht voor de ontwikkeling en gezondheid van kinderen. Deventer doet er alles aan om armoede onder kinderen terug te dringen. In 2018 was voor minimabeleid 5,8 miljoen euro beschikbaar. Het grootste deel, 3 miljoen euro, gaat naar de bijzondere bijstand. Ruim 1 miljoen gaat naar regelingen en projecten voor kinderen, bijvoorbeeld Stichting Leergeld.

Meer kinderen

Tot 2018 konden ouders met een inkomen tot 110% van de bijstand terecht bij Stichting Leergeld. Hierdoor vielen ouders die net iets meer verdienen buiten de boot. Juist deze groep heeft het zwaar, omdat zij van veel regelingen geen gebruik kunnen maken. De grens is in 2017 verhoogd naar 120 procent. Zo kunnen ongeveer 460 extra kinderen terecht bij Leergeld.