De vooral westerse mens produceert al sinds mensenheugenis afval. Dat is er in onze materialistische wereld de laatste jaren niet minder op geworden. En net als de strijd tegen het water proberen we ook de afvalstromen steeds meer in te dammen. Vooral te verminderen. Afval bestaat niet, luidt de ijzersterke slogan van de afvalboeren. We weten wel beter. En dus blijft de overheid ons opvoeden. Om een afvalcultuuromslag te bereiken.

Ouderen onder ons zien de asemmer nog langs de straat staan. Daar deden we het mee. Vraag niet wat er met de rest gebeurde. Wijzelf consumeerden overdadig door. De asemmer evolueerde mee. De families Klinkenberg en Koster kwamen na vuilniswagens in de zeventigerjaren met de eerste grote afvalcontainers. De kliko was born. En die bleek zichzelf ook voort te planten. Want we gingen verder scheiden, minder storten, recyclen en wat al niet meer. De circulaire afvaleconomie. De overheid bleef een beetje helpen. Gemak dient de mens.

Zo groeide langzaam maar zeker het aantal kliko’s rond ons huis. En waar we geen plek hadden, verschenen verzinkte afvalcontainers. Met betaalpasje vaak. Om ons verder op te voeden. Dat leidde dan weer tot ontwijkgedrag en oude bankstellen in het natuurgebied. Maar het moet gezegd, als het je gemakkelijk wordt gemaakt, ben je meer bereid mee te werken. Dus gaan we er in Deventer nu ook aan geloven voor het papier. Dat werd nog gezellig opgehaald als we het langs de straat zetten. Maar de aangeharkte Deventer wethouder vond dat toch een ‘te slordig’ straatbeeld geven. En dus, maal dertigduizend, wordt ook in Deventer de blauwe kliko uitgerold.

Nu ontvangen we veel dito kleurige enveloppen van de Belastingdienst, maar daar krijgen we hem niet mee vol. Wel met al het papier en restkarton van al onze dagelijkse bestellingen bij webwinkels. Dat wordt allemaal kliko & collect.