Muziek maken is van alle tijden. Maar door de jaren heen kan er natuurlijk wel wat veranderen. Het Deventer Symfonisch Orkest bestaat honderd jaar. In 1921 gestart als Deventer Orkest Vereniging. Voorzitter Aafke van der Veer over heden en verleden en huidig dirigent Alike Jonkman hoe het is op de bok van het DSO.

Door Marcel Schoemaker

Aafke, als je op jullie site kijkt naar de oude foto’s uit de beginjaren zie je toch een duidelijk tijdsbeeld. Wie waren in die tijd lid van het orkest?

In de begintijd was het natuurlijk maar voor een kleine groep weggelegd. Je zag letterlijk de notabelen die vooral bij de strijkers zaten in het orkest. Een viool konden in die tijd zich maar weinig mensen permitteren.

Werd er toen meer opgetreden dan nu?

Dat denk ik niet. Het waren toen ook geen professionals. Wel strenger als je niet helemaal mee kwam in het orkest. Ook een tijdsbeeld.

Vroeger vooral mannen in het orkest. De verhouding lijkt nu fifty-fifty. Toeval of stuur je daar ook een beetje?

We sturen op instrument niet op gender. Je ziet wel dat tegenwoordig meisjes vaker voor een muziekinstrument kiezen. Zijn ook wat serieuzer. En wat natuurlijk nog steeds geldt als aanjager is ‘het van huis uit meekrijgen’.

Wanneer je terugkijkt over die 100 jaar wat zijn dan memorabele momenten geweest?

Dat waren natuurlijk gastsolisten als bijvoorbeeld Herman Krebbers, maar ook Mischa Hillesum, de broer van Etty, die voor de oorlog als pianist meespeelde. In 2019 hadden we een succesvol optreden samen met solisten van het Deventer Vocaal Ensemble: een kleine opera, Bastien en Bastienne, van Mozart. Uitgevoerd in een kerk in Raalte en sociëteit ‘De Hereeniging’ in Deventer. Daar hebben we veel plezier aan beleefd.

Vraagt een orkestvereniging nog iets speciaals van het bestuur?

Overzicht houden, vooruit denken, plannen. In de afgelopen coronatijd ook het contact met de leden houden. We zijn nu met de Bibliotheek Deventer een muziekproject aan het voorbereiden dat op 6 april 2022 wordt uitgevoerd: Peter en de Wolf van Prokofjev. Voor kinderen uit groep 6-7 van een aantal Deventer basisscholen. Een cadeautje van de honderdjarige.

We zijn ook verhuisd van repetitieruimte. Tot de corona zaten we bij Humanitas. Nu zijn we erg blij met de ruimte op Het Stormink. Er is een prima samenwerking met de school. En hopelijk kunnen we ook nog wat ‘teruggeven’ via contacten met het schoolorkest.

Alike, je bent als trompettist afgestudeerd aan het conservatorium in Zwolle. Daarna haal je je ‘directiediploma’ zoals dat zo mooi heet. Een bewuste keus toen?

Die trompet had ik via mijn vader, die ook trompettist was, al kennis meegemaakt. Gaandeweg werd natuurlijk ook duidelijk dat je niet alleen als trompettist je brood kon verdienen. Het dirigeren is er toen bijgekomen.

Je dirigeert bij verschillende muziekverenigingen. Hoe ervaar je het speelniveau van het DSO?

Het niveau is prima. Bij een symfonieorkest wordt over het algemeen moeilijker en klassieker materiaal gespeelt, ook al is het niveau van het orkest niet bij alle gelijk.’ Ieder orkest is weer anders.

Wat betekent dat voor de verdere ontwikkeling van het orkest? Een Concertgebouworkest wordt het natuurlijk niet. Maar je wilt als dirigent met je orkest wel goed presteren.

We hebben een Muziekcommissie en die doet voorstellen. De dirigent bepaalt wat er gespeeld wordt en wat we aan kunnen. Voor mij moet iedereen wel een goed gevoel hebben na een repetitie. Er is een goede sfeer in het orkest en daar voel ik me ook happy bij.

Betekent dat ook wat voor het aannamebeleid? Verwacht je een bepaald basisniveau wanneer je je zou aanmelden voor het orkest?

Na aanmelding speel je eerst vier keer mee. Is het wat, voelt de persoon dat zelf ook? En ja ook bij ons geldt: meedoen is belangrijker dan… De samenstelling is aardig stabiel maar een extra violist of altviolist is meer dan welkom.

Hebben jullie nog een voorkeurrepertoire om te spelen?

Klassiek en licht klassiek. De keuze is afhankelijk van waar je speelt. Dat is in een AZC, waar we ook optraden, anders dan voor een meer klassiek geschoold publiek. En we stemmen het programma af op wat je in een jaar kunt instuderen.

Aafke en Alike spreken met veel liefde over hun DSO. Waar hard geoefend wordt aan de volgende uitvoering. Ze hopen ook in de toekomst een zo breed mogelijk publiek te bereiken. Want muziek is al veel langer dan honderd jaar van en voor iedereen.